|
|
|
C 0 M P E T I T I E - R E G L E M E N T van de B E R G E R B R I D G E C L U B
HOOFDSTUK I : ALGEMENE BEPALINGEN
HOOFDSTUK II : ORGANISATIE VAN DE WEDSTRIJDEN
HOOFDSTUK III : PROMOTIE-/DEGRADATIEREGELING
HOOFDSTUK IV : TOEKENNING PERCENTAGESCORES
HOOFDSTUK V : ORDEBEPALINGEN
HOOFDSTUK VI : PROTESTEN EN VERDER BEROEP
HOOFDSTUK VII : SLOTBEPALINGEN
BERGEN, september 2006
De afwezigheidregels zijn op basis van het besluit van de algemene ledenvergadering -voor zoveel nodig in afwijking van onderstaande bepalingen- vastgesteld als volgt:
De score bedoelt onder 5.a, treedt in werking zodra een paar een zitting heeft gespeeld. Tot dat moment wordt (door het computerprogramma) een tijdelijke score van 0% gehanteerd. Bergen, september 2008 PM
Wijziging ingaande het seizoen 2009-2010:
HOOFDSTUK I : ALGEMENE BEPALINGEN.
artikel 1 De technische commissie, hierna te noemen de 'T.C.' als bedoeld in artikel 22 van het Huishoudelijk Reglement houdt tenminste éénmaal per jaar een vergadering.
artikel 2 Het is o.m. de taak van de T.C.: a. het werk van de wedstrijdleider, hierna te noemen de 'W.L.', te steunen. b. al of niet gevraagd advies uit te brengen aan het Bestuur over alle zaken, die verband houden met de wedstrijden.
artikel 3 De adviezen van de T.C. mogen nimmer ingaan tegen de bepalingen in de reglementen van de Nederlandse Bridge Bond.
artikel 4 Bij onregelmatigheden of handelingen, die in strijd zijn met of die niet voorzien zijn in het wedstrijdreglement en/of de spelregels van de N.B.B. beslist de wedstrijdleider. Hij kan een arbitrale score toekennen.
artikel 5 De eindverantwoordelijkheid van alle handelingen van T.C. en W.L. ligt bij het bestuur.
HOOFDSTUK II : ORGANISATIE VAN DE WEDSTRIJDEN.
artikel 6 De aanmelding van paren geschiedt door schriftelijke opgave bij de voorzitter van de T.C. voor een door het bestuur te bepalen datum. Deze opgave bevat van elke speler: a. naam en adres (met postcode) b. geboortedatum c. telefoonnummer d. naam partner (indien bekend) e. speelavond(en) f. eventuele deelname districtsviertallen
artikel 7 Paren die zich voor een competitie hebben aangemeld, zijn verplicht voor alle deze competitie vastgestelde wedstrijden te spelen.
artikel 8 De T.C. stelt een wedstrijdprogramma samen. Na overleg tussen wedstrijdleiding en Bestuur wordt het al of niet gewijzigde programma aan de ledenvergadering ter goedkeuring voorgelegd. Het programma kan alle door de N.B.B. toegestane wedstrijdvormen bevatten.
artikel 9 Een competitieperiode bestaat uit zittingen; een zitting bestaat uit ronden; een ronde bestaat uit twee of meer spellen.
artikel 10 De indeling geschiedt per competitieperiode naar sterkte en rekening houdende met de laatst gerealiseerde eindstand. Indien de TC hiervan wil afwijken, doet zij ter zake tijdig een voorstel aan het bestuur.
artikel 11 Indien een speler gedurende twee volledige competitieperioden niet in staat blijkt met een andere speler een vast paar te vormen, wordt eerstgenoemde speler niet meer in het competitieverband opgenomen.
artikel 12 Indien twee spelers, die geen vast paar vormen, in een competitieperiode minstens 50% van het aantal handen samen spelen en dit spelverband in de volgende competitie periode(s) voortzetten, worden zij voor toepassing van dit reglement tijdelijk aangemerkt als een vast paar voor die competitieperiode(s).
artikel 13 Indien een speler, als bedoeld in de artikelen 12 en 13, alsnog met een andere speler een vast paar vormt, moet dit nieuwe paar genoegen nemen met elke plaatsing, die geen nadelige gevolgen mag hebben voor andere paren. Zij spelen als regel in die lijn, waaruit beide spelers komen. Komt een der spelers uit een lagere lijn, dan zullen zij als regel in deze lagere lijn spelen. Artikel 15 de tweede alinea kan van toepassing zijn.
artikel 14 Paren, die in de loop van het seizoen toetreden, worden ingedeeld één lijn lager dan de vermoedelijke speelsterkte van deze paren. Op het advies van de wedstrijdleider (T.C.) kan het bestuur besluiten van deze regel af te wijken.
artikel 15 Paren die zich in de loop van een competitieperiode als lid aanmelden hebben recht op een gemiddelde score van 50% over de reeds gespeelde zittingen, met een maximum van 2 zittingen. Zij komen slechts in aanmerking voor promotie en/of meesterpunten indien zij minimaal de competitieperiode minus 2 avonden aanwezig waren.
artikel 16 Indien een paar op een speelavond verhinderd is, heeft men de plicht de wedstrijdleiding hiervan zo spoedig mogelijk mededeling te doen. Behoudens calamiteiten en/of plotselinge ziekte.
artikel 17 In de volgende gevallen wordt een score van 40% toegekend: a. als het afbericht niet of niet tijdig is gegeven; b. als afbericht is gegeven zonder dat in vervanging is voorzien; c. als men weg gaat of weg blijft omdat men het niet eens is met de beslissing van de wedstrijdleiding zoals genoemd in artikel 21.
artikel 18 Indien een speler van een vast paar verhinderd is aan een wedstrijd in competitieverband deel te nemen, is de overblijvende speler gerechtigd met een invaller, geen lid van de vereniging zijnde, uit te komen, na toestemming van de wedstrijdleiding. Deze toestemming kan geweigerd worden. Als uitgangspunt daarbij geldt, dat er geen twee lijnen verschil in sterkte mag zijn. Bij twijfel wordt overleg met de wedstrijdleider gevoerd. Deze kan de de maximale. score (vooraf) op 50% bepalen.
artikel 19 Indien een speler verhinderd is, zorgt deze in principe zelf voor een invaller. Dit moet aan het begin van een speelavond aan de wedstrijdleider worden medegedeeld. Indien men niet zelf voor een invaller kan zorgen, moet dit tevoren aan de wedstrijdleiding worden medegedeeld. De W.L. zal trachten een invaller te vinden. Tegen de keuze van de wedstrijdleiding is geen beroep mogelijk. Afhankelijk van de afmeldingen en de opkomst kan de W.L. besluiten om een paar in een naast hogere of -lagere lijn te plaatsen gedurende een speelavond. Tegen zo'n besluit is geen beroep mogelijk.
artikel 20 Indien een paar te laat komt, ontvangt dat paar voor elk niet gespeeld spel een score van: a. 40% indien men door eigen schuld te laat is gekomen; b. 50% indien men door overmacht te laat is gekomen. Elk tegenpaar krijgt voor elk niet gespeeld spel de garantiescore van 60%.
artikel 21 Er wordt op tijd gespeeld. 5 minuten voor het einde van een ronde mag men niet meer aan een nieuw spel beginnen, behoudens toestemming van de wedstrijdleider. Bij overschrijding van de vastgestelde speeltijd kan de wedstrijdleider een straf opleggen Als de tijdsoverschrijding tot gevolg heeft, dat er één of meer spellen niet kunnen worden gespeeld, geeft de arbiter een arbitrale score. Indien de tijdsoverschrijding het gevolg is van arbitrage in die ronde dan wordt op het betreffende spel aan beide paren een arbitrale score gegeven van 50% (tenzij reeds een andere score is toegekend). Het paar waarvan de arbiter deel uitmaakt, alsmede het tegenpaar krijgt de garantiescore van 60%.
artikel 22 De tweede speelperiode geldt als selectiecriterium voor afvaardiging naar de districtsparenwedstrijden. Zolang deze regeling bij het district van kracht blijft. In bijzondere gevallen kan het Bestuur hiervan afwijken.
HOOFDSTUK III : PROMOTIE- EN DEGRADATIEREGELING.
artikel 23 Aan het einde van elke competitieronde wordt een eindstand opgemaakt. De TC bepaalt op de eerste van een serie speelavonden hoeveel paren promoveren naar de naast hogere lijn en hoeveel er degraderen naar de naast lagere lijn.
artikel 24 Van een paar, dat in een bepaalde periode niet meer dan de helft van het aantal speelavonden in de originele opstelling heeft gespeeld, vervalt in die periode het recht op promotie en promoveert het volgende paar.
artikel 25 Delen twee of meer paren een promotieplaats, dan promoveert het paar, dat de meeste wedstrijden volledig is opgekomen. Delen twee of meer paren een degradatieplaats, dan degradeert het paar, dat de minste wedstrijden volledig is opgekomen. In alle andere gevallen beslist het lot.
artikel 26 De T.C. kan aan het Bestuur voorstellen de degradatie van een paar, in geval van bijzondere omstandigheden, op te heffen. Tevens kan de TC versterkte promotie resp. degradatie voorstellen. Het Bestuur beslist en deelt deze beslissing aan de leden mede.
artikel 27 Iedere speelavond kent een clubkampioen.
HOOFDSTUK IV : TOEKENNING PERCENTAGESCORES.
artikel 28 Aan een paar, dat door de TC wordt aangewezen om in een hogere lijn te spelen, wordt het werkelijk behaalde percentage toegekend met een voorlopig minimum van 50%. Het definitieve minimum is het percentage van het in de eigen lijn behaalde gemiddelde over de andere avonden van die serie.
artikel 29 Indien een vast paar uit een hogere lijn moet uitkomen in een lagere lijn, dan ontvangt dit paar de gemaakte score tot 55%.
artikel 30 Indien van een gelegenheidspaar een van de spelers of het invallende paar niet aan de competitie deel neemt, geldt voor de score een minimum van 45% en een maximum van 55%. Dit paar speelt altijd in de eigen lijn van het oorspronkelijke paar.
artikel 31 Een speler, die een gelegenheidspaar vormt met een speler uit een lagere lijn (dit hoeft geen aangrenzende lijn te zijn) wordt altijd in de hogere lijn geplaatst. Hun score geldt voor beide paren, met voor de lagere-lijn-speler een minimum van 50% en voor de andere speler een minimum van 45%.
HOOFDSTUK V : ORDEBEPALINGEN.
artikel 32 De loopbriefjes dienen 10 minuten voor aanvang van de speelavond te zijn afgehaald. 5 Minuten voor aanvang dienen de spelers aan tafel plaats genomen te hebben. De wedstrijdleider kan besluiten in de eerste ronde één of meer spellen minder te laten spelen. Op deze spellen zal aan het wachtende paar een garantiescore van 60% en aan het te laat komende paar een score van 40% worden toegekend.
artikel 33 Indien de kaarten per tafel geschud moeten worden dient dit gezamenlijk met minstens een speler van het tegenpaar te geschieden. De spelmapjes worden in de goede windrichting op de tafel gelegd en blijven tijdens het spelen op dezelfde plaats open liggen.
artikel 34 Het tonen van een deugdelijke systeemkaart is verplicht. Het niet tonen hiervan kan bestraft worden met een aftrek van 1/2 procentpunt (dit is 1/2 procent van de maximaal te behalen score tijdens één zitting).
artikel 35 Voordat men begint te spelen overtuigt men zich dat men aan de juiste tafel heeft plaats genomen, tegen het juiste tegenpaar speelt en in de juiste windrichting heeft plaats genomen.
artikel 36 Een paar kan met een aftrek van een 1/2 procentpunt worden gestraft, als een speler: a. de kaarten verkeerd in het spelmapje heeft gestoken of in de verkeerde windrichting heeft gespeeld; b. niet voor en na het spelen zijn of haar kaarten heeft geteld of tijdens het spel tot de conclusie komt dat het aantal geen 13 bedraagt; c. tijdens of voor het spelen de daarbij behorende scorekaart inziet (ook als dummy); d. de scorekaart resp. de bridgemate fout invult of controleert; de straf wordt altijd in mindering gebracht na vaststelling van de voorlopige score. Bij twijfel over scores dient de W.L. geroepen te worden. Eigen aantekeningen, inclusief vraagtekens, etc, mogen nooit toegevoegd worden.
artikel 37 De noordspeler is verantwoordelijk voor het vastleggen van de score en de oostspeler voor de controle ervan. Als een vaste speler met een invaller speelt, zit de vaste speler altijd NOORD respectievelijk OOST, dus die legt vast en controleert, nooit de invaller, tenzij toestemming van de W.L. verkregen is.
artikel 38 Bij gebruik van bidding-boxes, gelden hiervoor de regels als gesteld in artikel 14 van het wedstrijdreglement van de NBB.
artikel 39 De spelers zijn verplicht te waarschuwen dat een bieding wordt gedaan die een conventionele betekenis heeft of kan hebben, tenzij de tegenpartij voor de aanvang van de ronde uitdrukkelijk heeft verklaard hierop geen prijs te stellen. Het waarschuwen dient te geschieden door de partner van de speler die een dergelijke bieding heeft gedaan en wel door onmiddellijk na de bieding te alerteren m.b.v. het daartoe bestemde biedkaartje of, indien dat niet aanwezig is, op tafel te kloppen.
artikel 40 Een openingsbod van 2 of hoger, alsmede ieder sprongbod of sprongantwoord moet worden voorafgegaan door het neerleggen van het stopkaartje of, indien dat niet aanwezig is, door het woord 'stop'. De volgende speler is verplicht 10 seconden te wachten voor hij een bieding doet. Elke bieding binnen de 10 seconden kan als een ongeoorloofde bieding worden aangemerkt.
artikel 41 In de laatste ronde wordt het bridgemateriaal van iedere tafel in een lijn door alle noordspelers ingeleverd en wel: a. de tafelborden en spellen naar de materiaaltafel; b. de scorekaartjes uit de spelmapjes halen en aan diegene geven die met het uitrekenen voor zijn of haar lijn belast is.
HOOFDSTUK VI : PROTESTEN EN VERDER BEROEP
artikel 42 Voor de behandeling van protesten en verder beroep zijn de bepalingen van hoofdstuk XI van de spelregels voor wedstrijdbridge van toepassing.
artikel 43 Voor de behandeling van protesten tegen de vaststelling van de uitslag door een onjuiste vermelding van de score in de bridgemate, gelden de volgende aanvullende bepalingen:
artikel 44 Tegen arbitrale beslissingen kan via de wedstrijdleider protest ingediend worden bij het door het bestuur ingestelde Protestcomité.
artikel 45 In gevallen waarin dit reglement niet voorziet beslist de wedstrijdleiding met de mogelijkheid van beroep op het bestuur.
HOOFDSTUK VII : SLOTBEPALINGEN.
artikel 46 Dit competitiereglement treedt in werking zodra het is vastgesteld. Alle eerdere genomen besluiten en regels zijn dan vervallen.
Aldus vastgesteld in de bestuursvergadering dd. september 2006.
De voorzitter: J. Oldenboom
De secretaris: J. Hendriks.
|
U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze website
verzenden aan jhendriks@quicknet.nl
|